Hoeveel moet uw vennootschap storten vóór 12 oktober?
Zonder voldoende voorafbetalingen krijgt de vennootschapsbelasting een vermeerdering van 6,75 %. Geef uw verwachte winst en wat u al stortte: u krijgt per resterende vervaldag het bedrag dat de vermeerdering wegwerkt.
Uw vennootschap
Boekjaar = kalenderjaar 2026. Winst vóór vennootschapsbelasting.
Voorafbetalingen die al gebeurd zijn, per vervaldag.
Een schatting op basis van enkele antwoorden, niet uw aangifte. Counzel rekent het echt uit vanuit uw boekhouding.
De vier vervaldagen van 2026
| Vervaldag | Voordeel | Gestort | Te storten |
|---|---|---|---|
| VA1 · 10 april 2026 | 9 % | – | € 8.125 |
| VA2 · 10 juli 2026 | 7,5 % | – | € 8.125 |
| VA3 · 12 oktober 2026 | 6 % | – | € 8.125 |
| VA4 · 21 december 2026 | 4,5 % | – | € 8.125 |
Zo wordt het berekend
| Vennootschapsbelasting (20 % tot € 100.000 voor een kleine vennootschap, 25 % daarboven) | € 32.500 |
| Vermeerdering zonder voorafbetaling (6,75 %) | € 2.194 |
| Voordeel van de voorafbetalingen (9 / 7,5 / 6 / 4,5 %) | − € 0 |
| Resterende vermeerdering | € 2.194 |
Geen vermeerdering onder € 100 of 0,5 % van de belasting, het hoogste van beide (art. 218 WIB 92).
Uw voorafbetalingen, berekend uit uw eigen boeken
Counzel voorspelt de winst van het jaar uit uw grootboek, berekent elke voorafbetaling en verwittigt u vóór elke vervaldag.
Aanslagjaar 2027 (inkomsten 2026), boekjaar = kalenderjaar. Vermeerdering 6,75 %, voordeel 9 / 7,5 / 6 / 4,5 % (art. 157–168 en 218 WIB 92, tarieven gepubliceerd door de FOD Financiën). Het verlaagd tarief vraagt de voorwaarden van een kleine vennootschap uit art. 215 WIB 92, waaronder de minimumbezoldiging van de bedrijfsleider.